Nieuwsbrief nummer 77

Oktober 2015

 

 

Rechter bevestigt geldigheid loonruimteovereenkomst

Op 1 oktober jl. heeft de rechter bevestigd dat de loonruimteovereenkomst, welke door CMHF, CNV en Ambtenaren Centrale met Binnenlandse Zaken werd gesloten, rechtsgeldig is. De FNV (AbvaKabo) had deze procedure aangespannen omdat zij het niet eens waren met de manier waarop deze overeenkomst tot stand is gekomen.

 

Beter een half ei dan een lede dop

Op 2 oktober jl. is, nadat de geldigheid van de eerder gesloten loonruimteovereenkomst voor al het overheidspersoneel door de rechter werd bevestigd, de CAO voor het rijkspersoneel ondertekend.

Met deze CAO krijgen rijksambtenaren, met terugwerkende kracht vanaf september, een salarisverhoging van 1,25% en een éénmalige uitkering van € 500 bruto.

Met ingang van 1 januari 2016 volgt dan nog een salarisverhoging van 3%.

Daarnaast zijn er afspraken gemaakt over onder meer een verlenging van het beleid met betrekking tot de begeleiding “Van werk naar werk” (VWNW) en een tegemoetkoming met betrekking tot de invoering van de mobiliteitskaart. Deze tegemoetkoming van € 50 volgt nog dit jaar. Los daarvan blijven bestaande secondaire regelingen onverkort van kracht.

De nieuwe CAO loopt tot 1 januari 2017.

 

FLO-toezeggingen

Hoewel tijdens het Sectoraal Overleg Rijk (SOR) als het Departementaal Georganiseerd Overleg (DGO) is erkend dat de betrokken medewerkers van ILT-Scheepvaart onverkort recht hebben op de hen eerder schriftelijk toegekende aanspraken op vervroegde uittreding, is dat ondanks alle toezegging nog steeds niet schriftelijk bevestigd. Het is kennelijk erg moeilijk om toe te geven dat EC- O&P onjuiste voorlichting heeft gegeven.

 

Keuzemogelijkheid vervroegde uittreding

De IG, mevr. Thunnissen, heeft schriftelijk bevestigd, dat voor zover een aanspraak op vervroegde uittreding bestaat, er geen bezwaar bestaat tegen een keuzemogelijkheid om teruggerekend vanaf het bereiken van de leeftijd van 65 jaar of vanaf het bereiken van de op dat moment geldende AOW-leeftijd uit te treden.

 

Plaats van tewerkstelling 2016

In verband met het met ingang van 1 januari 2016 opheffen van de regeling woonplaats = plaats van tewerkstelling c.q. standplaats voor de buitendienstmedewerkers van ILT, is door de dienstleiding nog steeds geen ei gelegd hoe het daarna verder moet.

Volgens ondertussen door het bestuur verkregen informatie van een vooraanstaand medewerker van de belastingdienst wordt woon/werkverkeer met een dienstauto met zwaailicht niet als fiscaal belastbaar beschouwd. Hierbij werd een dienstauto van de politie of douane als voorbeeld gesteld.

 

Terug naar af?

Binnenkort zal de enquêtecommissie haar rapport over het Fyra-debacle aan de Tweede Kamer presenteren. Hieruit zal hoogstwaarschijnlijk blijken dat op basis van rapporten van commerciële partijen en zonder rechtstreekse inspecties door ter zake deskundige experts van ILT geen vergunningen kunnen worden afgegeven. Er gloort dus hoop dat de Tweede Kamer tot de conclusie komt dat de huidige manier van vergunning verlenen niet langer kan. De huidige trend van het uitbesteden van inspecties en het van achter een bureau op basis van daaruit voortkomende rapporten vergunningen verlenen, gaat hopelijk tot het verleden behoren.

 

Onderdeelcommissies

Op een per e-mail gehouden peiling onder bij ILT werkzame leden van de VFT met betrekking tot de wenselijkheid om tot onderdeelcommissies te komen heeft ruim 70% van die leden gereageerd. Bij ILT-Scheepvaart blijkt dat men unaniem van mening is dat er een dergelijke commissie met bepaalde door de OR-ILT gedelegeerde bevoegdheden zou moeten komen. Op basis van dit resultaat heeft de VFT de OR-ILT verzocht om stappen te ondernemen om tot een onderdeelcommissie bij ILT-Scheepvaart te komen.

Bij ILT-Luchtvaart, waar de VFT maar een beperkt aantal actieve leden heeft, is ook een kleine meerderheid voor het instellen van een onderdeelcommissie. Gezien het feit dat de VFT niet bevoegd is om de e-mailadressen van niet leden via intranet te gebruiken heeft zij de OR-ILT gevraagd zelf een peiling onder alle medewerkers van de overige domeinen, inclusief ILT-Luchtvaart, te houden. Wordt vervolgd.

 

Redactioneel artikel uit de Telegraaf

De redactie van deze nieuwsbrief kan het niet beter verwoorden, daarom hieronder het letterlijke redactionele artikel uit de Telegraaf van 9 oktober 2015:

 

Belofte

Het kabinet heeft zichzelf in een bijna onmogelijke positie gewerkt, via afspraken met een paar vakbonden voor rijksambtenaren. In de afspraken is ruimte (5,05%) vastgelegd voor meer loon.

Een belangrijk deel van die ruimte zou moeten komen uit een verlaging van de  pensioenpremie. Die verlaging van de premie kan worden uitgekeerd als loon.

Een mooie truc, maar dat feest is in gevaar. Want het pensioenfonds voor de ambtenaren, het ABP, heeft nog eens goed zitten rekenen. En wat blijkt? De premie kan helemaal niet zo fors omlaag.

De lage rente en de scherpere eisen dwingen het ABP om de premie in stand te houden. De situatie is bizar: het kabinet belooft loonsverhoging maar de financiering van een deel ervan staat op de helling.

Toen gisteren de situatie duidelijk werd, liet minister Plasterk meteen weten dat de afspraken over de loonruimte níet ter discussie staan. De belofte wordt niet geschonden.

Waar het geld, dat het kabinet nu mist, gevonden moet worden is nog onduidelijk. De pensioenregeling versoberen om alsnog een lagere premie af te dwingen, is voor de werknemers onbespreekbaar.

Als de verlaging van de pensioenpremie helemaal niet doorgaat, heeft het kabinet een tegenvaller van maximaal 500miljoen euro. Het spreekwoord belofte maakt schuld gaat hier heel letterlijk op.