Nieuwsbrief nummer 75

Juni 2015

 

Verkiezing Ondernemingsraad ILT

Stephan van Dijck, ILT/Luchtvaart (herkiesbaar) en Leendert Korvink (nieuw lid), zijn namens de VFT-CMHF in nieuwe OR-ILT gekozen. De VFT wenst hen veel succes toe bij het vervullen van hun belangrijke taak.

 

Vergoedingen volgens het Reisbesluit Binnenland

Na een peiling onder de actieve leden van de VFT is gebleken dat er zich voor het bijhouden van de werkelijke kosten van de tijdens dienstreizen gemaakte kosten slechts één lid heeft aangemeld. Daarnaast blijken de andere vakcentrales een discussie over de door de Belastingdienst gestelde bovenmatigheid van een aantal van de vergoedingen niet te willen aangaan. Het bestuur van de VFT heeft daarom besloten dit onderwerp ook van haar agenda te halen.

 

FLO-toezeggingen

Naar aanleiding van de ontstane onrust bij een aantal buitendienstmedewerkers van ILT-Scheepvaart, veroorzaakt door een vertegenwoordigster van de afdeling EC-O&P van BZK, die tijdens een voorlichtingsbijeenkomst beweerde dat de aan hen gedane FLO-toezeggingen na het van kracht worden van het nieuwe SBF-besluit zouden zijn vervallen, heeft het bestuur deze kwestie door tussenkomst van mr. Jan Hut van de CMHF aan het DGO (Departementaal Georganiseerd Overleg) voorgelegd. Inmiddels heeft de CMHF-fractie in het DGO deze kwestie aan de orde gesteld en toegezegd gekregen dat de betrokken medewerkers schriftelijk zullen worden geïnformeerd dat de gedane toezeggingen onverminderd van kracht blijven.

 

Arbeidsvoorwaarden ILT-Luchtvaart

De beroepsprocedure inzake het niet toekennen van de toelage bezwarende werkomstandigheden wacht op het bepalen van een datum voor de zitting bij de rechtbank. ILT blijkt, zonder dat bijvoorbeeld de OR of de betrokken inspecteurs er van wisten, een aanvullend onderzoek door TNO te hebben laten verrichten. Over dit onderzoek en het rapport zijn de betrokken inspecteurs door de rechtbank geïnformeerd nadat deze het in de vorm van een aanvullend stuk had ontvangen. Dat rapport zal inhoudelijk worden beoordeeld om vervolgens richting de rechtbank te reageren.

In het kader van het stopzetten van het gastvliegerschap is uiteraard ook rechtsbescherming aangewend. De hoorzitting van de bezwarencommissie heeft ondertussen plaatsgevonden. Het is nu wachten op een beslissing op bezwaar. Mocht de beslissing op bezwaar van de IG niet tot het herstel van het gastvliegerschap leiden dan zal hoogstwaarschijnlijk bij de rechtbank beroep worden aangetekend.

 

Onderdeelcommissies

Nu er een nieuwe OR-ILT is gekozen zal het bestuur van de VFT opnieuw proberen om met hulp van de OR onder alle medewerkers van de domeinen te peilen of er behoefte bestaat aan onderdeelcommissies, die met de betreffende directeur over door de OR gemandateerde onderwerpen, inclusief advies- en beslissingsrecht, kunnen overleggen.

 

Uitspraak Rechtbank inzake indeling functies in Functiegebouw Rijk.

Naar aanleiding van een verzoek van een tweetal medewerkers van ILT-Scheepvaart om als senior-inspecteur in een hogere salarisschaal te worden ingedeeld, hadden zij na een voor hen negatief besluit bezwaar aangetekend. Na het doorlopen van de bezwarenprocedure heeft de IG beslist dat zij niet voor de hogere salarisschaal in aanmerking kwamen. Tegen deze beslissing hebben zij bij de rechtbank beroep aangetekend. Na een langlopende procedure, inclusief tussenuitspraak, is door de rechtbank niet zonder meer uitgesproken dat zij recht op die hogere salarisschaal hebben, maar wel dat de gevolgde procedure bij de invoering van het Functiegebouw Rijk voor de beoordeling van hun functie met betrekking tot de salarisschaal op individuele basis had moeten plaatsvinden en derhalve niet correct is uitgevoerd.

De rechtbank heeft daarom de beroepen gegrond verklaard, de besluiten vernietigd en opgedragen nieuwe besluiten, met inachtneming van de aangetekende bezwaren, te nemen.

Ondertussen heeft de IG besloten dat er alsnog individuele onderzoeken gaan plaatsvinden, echter wel weer door EC O&P van Binnenlandse Zaken, die het eerder niet correcte onderzoek heeft uitgevoerd. Tegen deze beslissing van de IG kan echter wel rechtstreeks beroep bij de rechtbank worden aangetekend. Wordt vervolgd.

 

Evaluatie Functiegebouw Rijk

Omdat het Functiegebouw Rijk het mogelijk maakt dat bij promotie naar een hogere functie er geen salarisverhoging hoeft te worden toegekend, heeft de VFT mr. Hut, namens de sector Rijk van de CMHF onderhandelaar in het SOR (Sectoraal Overleg Rijk), gevraagd bij een komende evaluatie van het functiegebouw met onze werkgever BZK dit aan de orde te stellen.

  

Uitspraak Centrale Raad van Beroep inzake plaats van tewerkstelling

De per 01-01-2016 geldende definitieve wijziging van de aanwijzing van de plaats van tewerkstelling veroorzaakt een ongelijke behandeling van medewerkers in de buitendienst van ILT-Scheepvaart. De medewerkers die voornamelijk de Zeeuwse en zuidelijke havens in Zuid-Holland als werkgebied hebben, werden oorspronkelijk onder andere op basis van hun woonplaats in Zeeland aangenomen en kregen destijds hun woonplaats als plaats van tewerkstelling aangewezen. Met ingang van 01-01-2016 wordt echter, onder het mom dat er in hun regio geen ILT-kantoor bestaat, Rotterdam als plaats van tewerkstelling aangewezen.

Hiertegen hadden de desbetreffende medewerkers bezwaar aangetekend. Na het doorlopen van de bezwarenprocedure heeft de IG beslist dat hun bezwaar ongegrond was.

Daarop hebben die medewerkers beroep bij de rechtbank aangetekend. Ook de rechtbank vond hun bezwaar ongegrond.

Tenslotte werd hiertegen hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep aangetekend.

De Centrale Raad van Beroep stelt echter in haar uitspraak dat, op basis van het feit dat deze medewerkers naast hun werkzaamheden in hoofdzakelijk de Zeeuwse en zuidelijke havens in Zuid-Holland ook van tijd tot tijd voor vergaderingen en besprekingen op het kantoor van ILT-Scheepvaart in Rotterdam komen, het hoger beroep niet slaagt en de aangevallen uitspraak van de rechtbank voor bevestiging in aanmerking komt.

Daarop is besloten niet verder meer te procederen.

Collega’s wonende en werkzaam in de regio’s Amsterdam of Groningen hebben echter wel een ILT-kantoor in hun regio als plaats van tewerkstelling aangewezen gekregen. De ongelijkheid ontstaat onder andere doordat de medewerkers uit de zuidelijke regio in eigen tijd van bijvoorbeeld woonplaats Middelburg voor kantoorbezoek naar Rotterdam reizen, terwijl collega’s met bijvoorbeeld als plaats van tewerkstelling een ILT-kantoor in hun regio wel vanaf die plaats in de tijd van de baas naar Rotterdam reizen.

De VFT heeft deze ongelijkheid van behandeling ondertussen aan het DGO (Departementaal Georganiseerd Overleg) voorgelegd. Wordt vervolgd.

 

 

DAS rechtsbijstand

Bij de ondersteuning van leden waar rechtsbijstand van DAS bij nodig was en is, is gebleken dat de overeenkomst van de CMHF met DAS niet geheel en al strookt met de feitelijke gang van zaken. Daarnaast blijkt het Reglement Rechtsbijstand van de CMHF achterhaald en op een aantal punten niet in overeenstemming met de overeenkomst met DAS. De VFT heeft er daarom bij de CMHF op aangedrongen een en ander nog eens goed tegen het licht te houden.

 

De geschiedenis herhaalt zich

De VFT heeft, in verband met het debacle bij de ingebruikname van de RandstadRail in 2006, de toenmalige IVW (Inspectie Verkeer en Waterstaat), voorganger van de huidige ILT (Inspectie Leefomgeving en Transport), er al op gewezen dat het van achter een bureau beoordelen van de veiligheid in de transportsector op basis van rapporten van derden vragen om ongelukken is.

Zie onderstaande bijlage met betrekking tot een vraaggesprek tussen de toenmalige secretaris van de VFT en de toenmalige hoofdinspecteur van de toezichteenheid Rail.

Klaarblijkelijk heeft de ILT daar weinig van geleerd. Tijdens de verhoren door de parlementaire enquêtecommissie naar aanleiding van het fiasco met de Fyra heeft de Inspecteur-Generaal van ILT, mevr. Thunnissen, onomwonden verklaard dat haar inspecteurs geen visuele inspecties tijdens de bouw en beproevingen hebben uitgevoerd. Daarnaast werd met waarschuwingen van derden over mogelijke onvolkomenheden niets gedaan.

Feitelijk is het nu zo dat standaard bij nieuwbouw en beproevingen van schepen, vliegtuigen, treinen en dergelijke de ILT zelf geen inspecties meer uitvoert en voor de certificering geheel afhankelijk van rapportage door het bedrijfsleven, inclusief classificatiebureaus, is geworden. Daarbij komt nog dat het hogere management, zelfs op domeinniveau, zelf niet of nauwelijks kennis heeft van deze materie. Door het niet meer zelf inspecteren gaat uiteraard veel ervarings- en actuele kennis verloren, terwijl aan nieuw te werven inspecteurs lagere opleidings- en ervaringseisen worden gesteld.

De VFT hoopt dan ook dat er uit het door de enquêtecommissie te presenteren rapport een dringende aanbeveling komt de huidige strategie van ILT eens goed tegen het licht te houden. Met nauwelijks of geen kennis van zaken ondertekenen van vergunningen is te zot voor woorden. Zo kan het in ieder geval niet langer.

 

 

Bijlage

Inspectie onzichtbaar?

 

De VFT (Vereniging van Functionarissen Transportveiligheid), aangesloten bij de Centrale van Middelbare en Hogere Functionarissen, meent dat de Inspectie Verkeer en Waterstaat strenger en intensiever had moeten toezien op het megaproject RandstadRail. De secretaris van de VFT, Jaap Rikkers, was bereid hierover in gesprek te gaan met Edwin Griffioen, hoofdinspecteur van de TE-Rail.

 

Rikkers >

RandstadRail werd eind oktober 2006 volgens de inspectie veilig genoeg gevonden om vanaf dat moment passagiers te vervoeren. Daarna ontsporen er binnen één week twee treinen. Op 29 november ontsporen er zelfs twee treinstellen tegelijk op één dag. Daarbij raken vijftien mensen gewond. De inspectie beweert vervolgens niet op de hoogte te zijn van wisselproblemen, terwijl dat bij andere betrokken partijen wél bekend was. Is de inspectie niet schromelijk te kort geschoten in haar taak toezicht uit te oefenen op de aanleg en het testen van dit megaproject? Was het niet naïef van de inspectie om er vanuit te gaan dat de betrokken bedrijven en lagere overheden volledig en juist zouden informeren?

 

Griffioen >

Ieder incident is er een te veel; zeker als daarbij gewonden vallen. Je moet je wel realiseren dat ondanks goed toezicht zich altijd incidenten kunnen voordoen. Bij het ontwikkelen en in bedrijf nemen van zo’n groot project als RandstadRail denken we goed na hoe we dat toezicht in moeten richten. De partijen die het project ontwikkelen moeten ons aantonen dat de producten die ze gebruiken veilig zijn en dat ze zich houden aan de doelstellingen en normen die er zijn op het gebied van veiligheid. In een vroeg stadium wordt goed nagedacht over het ontwerp van de spoorbaan, de processen en de voertuigen. Ook worden risicoanalyses gemaakt, die getoetst worden door onafhankelijke deskundigen. Wij controleren dat proces en grijpen in waar nodig is. Echt tweedelijns toezicht dus. In de media is een beeld ontstaan dat informatie achtergehouden is. Dat is niet zo.

 

Rikkers >

Zou het toezicht op het project, met de ervaring van nu, anders zijn aangepakt? Zo ja, hoe?

 

Griffioen >

Nee, je moet toezicht op dergelijke projecten niet anders aanpakken dan we bij RandstadRail gedaan hebben. Er is door wetenschappers, in normcommissies en door beleidsmakers goed nagedacht over hoe je de veiligheid bij dergelijke projecten moet borgen. Daar maken we in Nederland gebruik van. De minister heeft die systematiek vastgelegd in het Normdocument Veiligheid Lightrail en dat hebben we bij RandstadRail toegepast. Dat uitgangspunt moet je niet veranderen. Hoogstens dat we op enkele onderdelen wat kunnen verbeteren aan de uitvoering.

 

Rikkers >

De inspectie heeft zich ondermeer gebaseerd op rapportages van RandstadRail. Dat is toch de slager die zijn eigen vlees keurt?

 

Griffioen >

De slager keurt hier niet zijn eigen vlees. De risicoanalyses en andere veiligheidsbeoordelingen worden door RandstadRail opgesteld en vervolgens beoordeeld door een onafhankelijke deskundige. Dat wordt weer beoordeeld door de inspectie en leidt bij voldoende resultaat tot een vergunning voor indienststelling.

 

Rikkers >

Ik heb begrepen dat de inspectie zich ook heeft gebaseerd op rapporten van zogenaamd onafhankelijke bureaus. Vergunning verlenen op basis van dergelijke informatie is blijkbaar niet waterdicht. Prettige bijkomstigheid voor de inspectie is bovendien dat, als het misgaat, altijd met het beschuldigende vingertje naar anderen kan worden gewezen.

 

Griffioen >

Ik heb een hekel aan beschuldigende vingertjes en overigens ook aan de suggestie dat de inspectie zou weglopen van haar verantwoordelijkheid. Er wordt uitgezocht wat precies is misgegaan bij RandstadRail en daar moeten we van leren. Dat geldt ook voor de inspectie. Ook de Onderzoeksraad voor Veiligheid zal onderzoek gaan doen trouwens. Ik zal me niet verschuilen achter het oordeel van een onafhankelijk bureau. Iedere partij heeft zijn eigen verantwoordelijkheid en daar moet je op aangesproken worden als dat nodig is. En het systeem dat niet waterdicht is? 100% veiligheid bereik je niet door welk systeem dan ook. Je kunt wel de kans op ongevallen, en dat geldt zeker voor de ernstige, zo klein mogelijk maken Dat is precies wat we doen.

 

Rikkers >

Ik begrijp dat de inspectie zich meer bezig wil houden met toezicht op basis van risicoanalyse vanachter een bureau en daarvoor steeds minder inspecteurs in het veld nodig heeft. De VFT vreest dat, met RandstadRail in gedachten, er steeds vaker zaken mis zullen gaan. Kunt u zich iets bij die zorg voorstellen?

 

Griffioen >

Goed en efficiënt toezicht zit in de combinatie van bureauwerk en veldwerk. Inspecteurs die buiten controles verrichten zal je dus altijd nodig hebben. Risicoanalyses zijn onmisbaar om goed en efficiënt toezicht in te richten, zeker als het gaat om complexe projecten als RandstadRail. Door het doen van risicoanalyses hebben we bijvoorbeeld het aantal doden dat jaarlijks valt bij aanrijdingen op overwegen binnen 10 jaar teruggebracht van 38 naar 18 per jaar.