Nieuwsbrief nummer 52

Oktober 2010

 

 

Komt u dat bekend voor?

Al weer een paar maanden geleden heeft de Abva-Kabo een enquête onder ambtenaren gehouden, waaruit bleek dat deze ambtenaren een op hol geslagen bureaucratie signaleerden. Verantwoordelijkheden zijn door het management tot in detail in procedures vastgelegd, waardoor zelfs simpele beslissingen, mede doordat vaak meerdere afdelingen bij zo’n beslissing zijn betrokken, enorm veel tijd vergen. Kortom, ambtenaren zijn te veel met procedures bezig en te weinig met hun eigenlijke taken. Komt u dat bekend voor?

 

OR-IVW

Voor zolang de huidige OR-IVW nog bestaat is bij de verkiezing voor een opengevallen plaats in de OR ons lid Karin Vodégel met grote meerderheid gekozen. Het bestuur van de VFT wenst haar veel succes met de ongetwijfeld zware taak die haar met betrekking tot de onvermijdelijke samenvoeging van de inspecties van twee voormalig aparte departementen wacht. Gelukkig staat zij er niet alleen voor, want er zijn al twee VFT-leden in de OR-IVW vertegenwoordigd.

 

Bos-belasting

De VFT zal als lid van de CMHF/MHP er op aandringen dat de geplande oneerlijke belasting voor gepensioneerden, beter bekend als de Bos-belasting, alsnog van tafel gaat. In een artikel van de parlementaire redactie van de Telegraaf op 1 oktober jl. wordt weer de suggestie gewekt dat gepensioneerden geen belasting over hun aanvullend pensioen zouden betalen. Dat is echter klinkklare onzin. Gepensioneerden betalen net als niet-gepensioneerden gewoon belasting over hun inkomen inclusief aanvullend pensioen. De toenmalige PvdA-minister van financiën Bos heeft echter bedacht dat gepensioneerden best dubbel belasting over hun aanvullend pensioen kunnen betalen. Helaas is in het regeerakkoord deze aanstaande onredelijke belastingheffing om over de rug van de gepensioneerden het begrotingstekort te verminderen niet geschrapt.

 

CMHF Leerconferentie “De Rijksambtenaar 2020”

Op 13 oktober hield de CMHF een geslaagde en goed bezochte leerconferentie over het thema “De Rijksambtenaar 2020”.

De openingspresentaties schetsten de dilemma’s. Een fors krimpende overheid. Een groeiende mismatch tussen wat de burger verwacht van de overheid en de feitelijke prestaties daarvan.

Het perspectief dat geboden werd door wetenschappers en politiek is dat je de ambtenaar weer moet aanspreken op zijn kennis en ervaring en dat je ze daarbij meer moet vertrouwen in het gezamenlijk vinden van oplossingen die passen bij de gestelde doelen.

Je moet ambtenaren niet binden aan strakke hiërarchische procedures en vooral de vrijheid en het vertrouwen geven om via netwerken in de gehele overheid oplossingen te creëren voor de problemen die zich aandienen.

De politiek en de ambtelijke top moet daarbij duidelijke doelen stellen, keuzes durven te maken en daarover helder communiceren.

Gesteld werd dat loyaliteit te vaak vertaald wordt in gehoorzaamheid maar dat kadaverdiscipline en zwijgplicht professionals juist ontmoedigen.

Duidelijk kwam naar voren dat de steeds met werkstages, detachering en projectorganisaties aangemoedigde mobiele ambtenaar bij terugkomst wordt bestraft met de "opgestaan is plaats vergaan" behandeling. "Laat hem maar even dobberen, dan gaat hij/zij vanzelf wel weg". "Je laat niet je beste man of vrouw groeien, daar heb je immers zelf last van". Ieder die vertrekt is momenteel gunstig voor de "krimpscore" van de manager.

De problematiek wordt de komende tien jaar extra nijpend. Dan gaat 30% van de ambtenaren met pensioen.

Sociale innovatie is het begrip waarmee de gewenste beleidswijziging wordt samengevat. Wilt u meer weten? Kijk op http://www.ncsi.nl.

De aanwezige leden werd gevraagd wat zij daar zelf aan zouden willen doen. Het antwoord daarop van de overwegend grijze haardossen was enigszins bedroevend. Men is vakman/-vrouw en wil eigenlijk niet weg. Als oudere pas je niet in het "schaap met vijf poten profiel" van een vragende partij.

De dagconclusie was min of meer dat de CMHF in haar CAO-onderhandelingen wel degelijk het voortouw zou kunnen nemen.

De tekenen zijn ernaar dat ook de rijksoverheid begint in te zien dat het arbeidsvoorwaardenoverleg over meer moet gaan dan materiële zaken en meer aandacht moet geven aan het werkklimaat, de managementstijl, het vertrouwen, de ontwikkelingsmogelijkheden en de veiligheid en waardering die je geboden wordt bij mobiliteit.